Geboorte


Aangifte van een geboorte

Aangiften van geboorten dienen gedaan te worden bij de Ambtenaar van de Burgerlijke Stand van het Bureau voor Burgerzaken van de plaats van geboorte. De aangifte kan zowel persoonlijk als schriftelijk geschieden.

Wie is bevoegd tot het doen van aangiften?

De moeder van het kind is bevoegd tot het doen van de aangifte van geboorte. In de praktijk ligt de moeder meestal nog in het kraambed, vandaar dat de wet (artikel 22 Surinaams Burgerlijk Wetboek) een aantal personen noemt die verplicht zijn tot de aangifte. Allereerst wordt de wettige vader genoemd. Voor ongehuwde moeders kan de aangifte van geboorte worden gedaan door de vroedvrouw, degene die bij de bevalling aanwezig is geweest of de moeder zelf.

Benodigde documenten voor het doen van aangiften:
  1. Identiteitskaart;
  2. Familieboek;
  3. Bewijs van geboorte van de daartoe bevoegde autoriteit (geneesheer, vroedvrouw).
  4. Buitenlanders dienen een geldig paspoort mee te nemen.

Het bewijs van geboorte wordt door het bureau voor burgerzakenverstrekt op aanvraag van de verloskundige of de moeder of daartoe aangewezen persoon, waaronder de wettige vader. Deze wordt naar het ziekenhuis opgestuurd.

De termijnen waarbinnen binnen de aangiften van geboorte dienen te worden gedaan:

In Paramaribo dient de aangifte van geboorte binnen drie (3) dagen na de bevalling te geschieden en in de districten binnen zestien (16) dagen, dag van geboorte en zon- en feestdagen niet meegerekend. Is deze termijn verstreken dan kan de aangifte slechts met machtiging van de Procureur-Generaal plaatsvinden. De aangever dient zich terstond met de benodigde documenten te melden bij het Bureau voor Burgerzaken waar de aangifte moest plaatsvinden. Het bureau begeleidt de burger verder. Bij de geboorteaangifte wordt een geboorteakte opgemaakt. Deze is het bewijs van bestaan van het kind en tevens het bewijs van zijn of haar afstamming.

In de geboorteakte wordt de volgende informatie vermeld:
  • Het jaar, de dag, het uur en de plaats van geboorte
  • Het geslacht van het kind en de voornamen die aan het kind worden gegeven (aan een kind mag geen onwelvoeglijke (onbehoorlijke) of bespottelijke namen worden gegeven. Aan een jongen mag geen meisjesvoornaam of omgekeerd worden gegeven, tenzij uit de overige namen duidelijk blijkt tot welk geslacht het kind behoort)
  • de namen, voornamen, het beroep en de woonplaats van de ouders
  • De namen, voornamen, leeftijd, beroep en de woonplaats van de aangever en getuigen als die er zijn

Wanneer het kind buiten echt (niet in een huwelijk) is geboren, mag de naam van de vader niet in de akte worden vermeld. Tenzij het kind voor de geboorte of na de geboorte, maar voor de geboorte aangifte is erkend.